IMG_20150902_124407_hdr

Het Schrijfproces: een lijdensweg


Geconcentreerd schrijven blijkt nog een hele kunst. Vaak laat ik me afleiden door moderne technologie: mijn laptop, die om een update zeurt. Mijn smartphone, mijn eeuwige verbinding met de buitenwereld, die voortdurend nieuwe berichten ontvangt. Was die phone maar wat minder smart – dan kreeg ik wellicht meer gedaan op een dag.
IMG_20151217_122621_hdrRegelmatig laat ik me afleiden door het uitzicht vanuit mijn werk/slaapkamer: de glinsterend groene dijk, bevolkt met vogels. Het huis van de kweker net achter de dijk, waarvan ik het grijze dak en de dakkapelletjes kan zien en me steeds afvraag of daar op hetzelfde moment ook iemand naar buiten kijkt. De achterliggende huizen, de torenspits van de kerk, de modern gestileerde Willemsschool die grappig genoeg doet denken aan bouwsteentjes uit mijn jeugd. De lucht, het eeuwige samenspel van wolken, wind en zon. De lucht verandert hier aan de kust per minuut en levert steeds weer Hollandse meesters op – de één nog mooier dan de ander. Ik kan er eeuwig naar staren, terwijl de tijd voorbij tikt en ik me vertwijfeld afvraag waar de dag toch is gebleven.

Overal schrijvenIMG_20151203_140200

Ik schrijf op mijn BlackBerry smartphone – inmiddels een vergaarbak voor mijn talloze schrijfideeën. Ik schrijf op mijn laptop – waar ik ook op werk. Ik schrijf op mijn notebook, beneden in de woonkamer bij de televisie – die eeuwige afleider. Ik schrijf in een mooi gebonden notitieboek dat ik eens van een zakenrelatie kreeg. Hij moet een vooruitziende blik gehad hebben. Ik kan me nog herinneren dat ik het destijds een prachtig cadeau vond. Zo passend. Soms kom je mensen tegen die je beter kennen dat je jezelf kent – zelfs al ken je hen eigenlijk niet.
Ik schrijf in blocnotes – tot mijn ongeoefende, digitale schrijfhand verkrampt en mijn gedachten geen vluchtweg meer hebben.

Het schrijfproces

In mijn opleiding Redactie ben ik bij de laatste basismodule aangeland. We leren over het schrijfproces. De module adviseert vooral lijstjes te maken en die om je schrijfplek heen op te hangen. Maar ik houd niet van lijstjes. Ze geven me stress. Misschien komt het door mijn werk – 22 jaar secretaresse, 10 jaar informatieprofessional – maar voor mij zijn lijstjes dingen waar je zo snel mogelijk vanaf moet. Lijstjes bevatten taken en opdrachten. Lijstjes zijn pas fijn als je alles hebt kunnen afvinken of doorstrepen. Waarom zou ik me omringen met lijstjes op een plek waar ik me juist prettig voel?
Mindmapping dan. Spinassociaties. Ook bijzonder handige hulpmiddelen om je gedachten te ordenen en je ideeën te catalogiseren. Ook dáár word ik gestrest van. Op de één of andere manier zit er altijd méér in mijn hoofd dan ik op papier kan krijgen. Mijn spinassociatie is nooit af. Geen vel papier, geen beeldscherm, geen whiteboard is groot genoeg voor mijn associaties. Dat is wat ik dóe – in mijn mind palace, de hele dag door: associëren. Daarbij lopen heden, verleden en toekomst door elkaar heen, woorden, beelden, geuren en klanken. Wat ik uiteindelijk op papier krijg dekt de lading niet. Ik gooi het weg en begin opnieuw.

IMG_20150911_153109Blogger of schrijver?

Ik blog al jaren – met wisselend succes. Ik kan erg goed bloggen in opdracht, daar heb ik dan ook mijn werk van gemaakt. Je geeft me een paar kernwoorden, een foto of een persbericht en ik schrijf een (bedrijfs)blog. Voor anderen kan ik erg goed schrijven. Maar nu mag ik voor mezelf aan de slag. En worstel met de vorm. Ik merk dat ik me voortdurend afvraag: “wat gaat het worden?”, alsof iemand me zojuist een grote doos Lego heeft gegeven. Waarom kan ik niet “gewoon” schrijven? Waarom voel ik steeds de behoefte tussenkopjes toe te passen en mijn zinnen in te korten – zoals het hóórt als je een blog schrijft? Wat ik schrijf kan net zo goed een aanzet zijn tot een boek. Een hoofdstuk. Maar daar durf ik niet aan te denken. Ik heb geen goede ervaringen met boeken schrijven. Ik deed het als kind al, met als enige voltooide werk “Flopertje”. Dat was een – door de auteur geïllustreerd, jawel – werkje over een zeehondje genaamd “Floppertje”. Met dubbel p. Zo kon ik het destijds kennelijk nog niet opschrijven. Mijn moeder bewaart dit meesterwerk nog bij haar andere schatten. Sindsdien ben ik nog veel boeken begonnen, maar nooit afgemaakt. Het bleef bij inhoudsopgaves van al die hoofdstukken die ik allemaal zou schrijven, die allemaal voltooid en wel in mijn hoofd zaten. Voor de #NaNoWriMo uitdaging begon ik met mijn eerste boek. Het begin is er. Nee, de 50.000 woorden heb ik niet gehaald. Ik ben nog niet eens op de helft. Als een echte Ram – de pionier van de dierenriem – begin ik graag nieuwe dingen, maar heb er soms wat moeite mee ze af te maken. Het volgende, minstens zo briljante idee heeft zich immers al weer aangediend…

IMG_20150603_114659Richtlijnen

Zowel de studiemodule als de begeleidende literatuur geven veel richtlijnen voor de aspirant schrijver. En voorbeelden. Voorbeelden van hoe gevestigde schrijvers het doen. De één sluit zich op, soms zelfs maanden. De ander gaat lopen. Dat zou ik ook moeten doen. Sterker nog, dat is me door mijn psycholoog destijds zelfs opgelegd. Iedere dag beginnen met een wandeling. Goed voor lichaam en geest. Je maakt serotonine aan, wat je een prettig gevoel geeft en je motiveert voor de rest van de dag. Ik woon op de beste plek van de wereld voor een dagelijkse wandeling. Twee keer vallen en ik sta op het Westlandse strand – tussen Hoek van Holland en Kijkduin in. Op een heldere dag zie ik in de verte Scheveningen liggen. Maar dóe ik het ook? Nee. Vraag me niet waarom.
Ik worstel met de richtlijnen. Mijn hele wezen komt er tegen in verzet. Dat is niet hoe ik het doe. Maar hoe dan wel?

Schrijven-met-Pap-augustus-1967Mijn vader, de schrijver

Het schrijfproces – zoals ik het nu leer – verklaart veel over het gedrag van mijn vader. Door het ontwikkelen van mijn eigen schrijfproces en de woorden van Jan Brokken leer ik mijn vader, nu twee jaar na zijn dood, eindelijk beter kennen. Ik begrijp zijn buien. Zijn zwaarmoedigheid. Waarom hij zo graag wandelde. Veel weg was. Of in zijn stoel zat te “denken”, soms uren achtereen. Ook hij schreef in zijn hoofd, ordende gedachten en een leven vol herinneringen. Tot die op een gegeven moment het enige waren dat hem restte, nadat hij zijn gezichtsvermogen voor het grootste deel had verloren. Een gesmoorde creatieve geest. Een hoofd vol onvoltooide werken. Ik begrijp nu waarom hij niet in kon gaan op mijn herhaalde aanbod zijn dictaat op te nemen. Als voormalig secretaresse, in het bezit van een laptop, een koud kunstje. Ik wilde hem graag helpen, maar kon het niet. Hij wilde het niet. Hij had zijn eigen schrijfproces. Maar dat heeft hij me nooit echt kunnen uitleggen.

Geen regels

Volgens Jan Brokken zijn er helemaal geen regels voor het schrijven. Schrijven kun je niet leren, zegt hij, het is een aangeboren talent. Als dochter van een neerlandicus en een handelscorrespondente is het schrijven en de liefde voor taal me met de paplepel ingegoten. Maar betekent dat dat ik ook beschik over een aangeboren talent? Of is dat helemaal niet zo vanzelfsprekend? Ik mag graag geloven dat ik schrijversgenen heb. En een beetje talent. Of het genoeg is, zal moeten blijken. Nu worstel ik nog met het concept dat er geen regels zijn. Na een leven – nu al bijna een halve eeuw lang – vol regels, voorschriften, richtlijnen en verplichtingen is het moeilijk om dat allemaal los te laten. “Loslaten”: het klinkt zo makkelijk. Terwijl er weinig moeilijkers is dan dat: “gewoon loslaten”. Wat moet ik dan met al die losgelaten emoties, gedachten en herinneringen? Juist. Die moet ik dus opschrijven. Omdat ze ooit deel uitmaakten van mijn leven. Omdat ze te waardevol zijn om zo maar terzijde te werpen. Want ze hebben mijn leven gemaakt tot wat het nu is, hebben mij gemaakt tot wie ik nu ben – al weer bijna een halve eeuw.
En, waarschijnlijk het allerbelangrijkste: voor een schrijver is het hele leven materiaal. Daaruit volgt dan weer dat een ‘echte’ schrijver nooit uitgeschreven is.

©2010 Drew Coffman on Flickr https://www.flickr.com/photos/drewcoffman/4815205740
©2010 Drew Coffman on Flickr

Schrijven is lijden

Dat schrijven een lijdensweg is, schijnt ook een algemeen bekend – en aanvaard – gegeven te zijn. Dat is ergens ook wel logisch, wanneer je bedenkt dat een schrijver materiaal uit zijn herinneringen en levenservaringen moet putten en vooral zijn of haar ‘duistere kant’ moet aanboren. Want dat is interessant voor de lezer. Een voortkabbelend verhaaltje zonder wendingen, zonder conflict, vindt een kritische lezer – terecht – niet de moeite waard. Tijdens de opleiding leerden we dat Jezus Christus bijvoorbeeld eigenlijk helemaal niet interessant is om over te schrijven. Vandaar ook waarschijnlijk, dat er zo veel geschreven is en nog steeds wordt over de laatste fase van zijn leven – want let’s face it, dát zit natuurlijk vol conflict en vooral ellende.
Een writer’s block? Dat is pas écht lijden. Je moet als schrijver een X aantal woorden opleveren, maar de inspiratie wil maar niet komen. Slapeloze nachten.
Of je hebt als schrijver een prachtig stuk afgeleverd, vol literaire hoogstandjes en poëtische volzinnen. En dan gaat de redactie er even met de rode pen doorheen. Overbodig, al die volzinnen. Niet ter zake doende, die literaire kunstjes. Overigens is er nauwelijks een kritischer redacteur denkbaar dan de schrijver zelf. Ook dát hoort bij het proces. Schrijven is lijden. Maar ook therapeutisch. Ik heb dat zelf al regelmatig mogen ervaren. Door freewriting bijvoorbeeld, een goede methode om je geest vrij te maken van allerlei ballast (van jeugdherinneringen tot boodschappenlijstjes, het maakt niet uit wat er uit je pen – of toetsenbord – rolt) zodat je, eenmaal vrij van die ballast, je eigenlijke werk kunt schrijven.

Waarom zou je van schrijven je leven willen maken? Jan Brokken vertelt dat schrijvers, in zijn ervaring, één ding gemeen hebben: ze móeten schrijven. Het is een levensbehoefte, een voorwaarde zelfs om te kunnen leven. Net als ademhalen. Ik kan me ook geen leven voorstellen zonder schrijven. Dan ben ik dus ook een echte schrijver.

NaNoWriMo Selfie
#NaNoWriMo Selfie, november 2015

3 gedachtes over “Het Schrijfproces: een lijdensweg

  1. Je komt door je groeistuipen heen, Andrea! Hoe heb ik geworsteld, totdat ik mijn passie ontdekte. Voor die tijd ging ik van het ene verhaal naar het andere. Nu, maanden na zweten, zwoegen, frustratie schrijf ik bijna dagelijks. Maar nu schrijf ik ook MIJN verhaal, vol mystiek, magie (oeps, daar maak ik gene christelijke vrienden mee), Keltische monsters enzovoorts. Die tegenstand maakt mij alleen maar sterker. Dus kop op, straks ben je ook niet te stoppen, maar blijf dicht bij jezelf en volg je hart. Dat doe ik nu ook, en wie het niet eens is….

    Ik had een writersblock omdat ik rekening hield met anderen. Niet doen, ik geloof in je Andrea. Onze schrijversmagie gaat het maken!

  2. Hoe ontroerend en prachtig dit stuk! Schrijven zit jou in het bloed! Jij leeft het schrijven! Koester al je ideeën, een artistieke geest leeft niet volgens een bepaald stramien! Zie het niet als lijdensweg maar een als een gave! Jij hebt de regie over je verhaal, doe ermee wat jij wilt. Wees vooral niet zo streng voor jezelf, maar geniet van het proces!

Deel je mening!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s