IMG_20150611_150722_hdr

Studeren moet je leren


Ik heb de aandachtsspanne van een kolibrie. Erger – van een goudvis. Onlangs is wetenschappelijk aangetoond, dat de meeste mensen een aandachtsspanne van 8 minuten hebben. De goudvis kan 9 minuten zijn aandacht bij één ding houden. Conclusie: mensen zijn sneller afgeleid dan een goudvis. Ik moest een beetje lachen om die conclusie. Omdat het zo herkenbaar is. Ik kan mensen, die langdurig hun aandacht bij één taak kunnen houden, oprecht benijden. Als ik iets ben, dan is het wel all over the place: snel afgeleid. Ik doe mijn sterrenbeeld eer aan.

Stuud

Pap en ik 1968Gebukt onder een chronisch gebrek aan opleiding, leek het mij wel een goed idee nu eindelijk eens een diploma te gaan behalen. Of een certificaat. Of enig bewijs, dat ik een studie succesvol heb doorlopen. Ik ben geen studiebol. Nooit geweest, al kon ik op school wel erg makkelijk “meekomen”, waardoor ik een indruk wekte van bovengemiddelde intelligentie. Mijn “geheim”? Ik lette altijd erg goed op in de klas. Ja, ik geef het toe, ik was een heilig boontje, een “stuud”, het lievelingetje van de leraar – een teacher’s pet. Dat was mijn redding. Ik ben namelijk niet erg goed in studeren. Ik moest het echt hebben van klassikaal onderwijs. Dat had ook zo z’n nadelen. Met een slechte leraar, of een leraar met wie het niet echt klikte, kwam ik nauwelijks uit de verf. Dan moest er thuis flink worden bijgespijkerd. En dat valt niet mee als je met je hoofd héél ergens anders zit – in je eigen wereld bijvoorbeeld, waar je het veel meer naar je zin hebt. Of met je neus in de boeken. Van het soort dat je voor je plezier leest natuurlijk. Het hielp ook niet dat mijn vader leraar was geweest. Hij wist de druk altijd lekker op te voeren met zijn spontane overhoringen. Ik weet niet wat ik liever had: dat hij me vergat of dat hij me ging “helpen” met mijn huiswerk. Aangezien ik sinds mijn derde al kon lezen, was mijn vader ervan overtuigd met een Wunderkind te maken te hebben. Niets was minder waar, en zijn teleurstelling was pijnlijk merkbaar. Net als de druk van zijn verwachtingen trouwens. Ik wilde alleen maar zo snel mogelijk klaar wilde zijn met school. Als loner, opgegroeid tussen de boeken, was ik sociaal onhandig, hoorde nergens echt bij en paste nergens echt in. School was een lijdensweg.

Pretpakket

timothyacgas282Met het HAVO-diploma eenmaal op zak (opnieuw een teleurstelling voor mijn vader, die mij op het VWO had gezien) wilde ik eigenlijk niks meer. In ieder geval géén school. Maar wat dan? Natuurlijk had ik alleen maar geromantiseerde, idealistische en vooral onpraktische ideeën bij mijn toekomst. Dierenarts zag ik wel zitten. Groot vee, net als James Herriot of dokter Iris. Maar dat ging ‘m natuurlijk niet worden met mijn talen”pret”pakket. Bovendien, zei mijn vader, hield ik veel te veel van dieren om ze ziek of ellendig te kunnen zien. Zó goed kende hij z’n dochter dan weer wel. Als vaste museumgast was ik ook erg gecharmeerd van archeologie en paleontologie. Had ik scheikunde nu maar niet laten vallen. Natuurlijk nam ik het de school hogelijk kwalijk, dat ik niet meer begeleiding had gekregen bij het kiezen van mijn vakkenpakket. Ik had destijds echt wel een plan. In de brugklas kreeg ik geologische aardrijkskunde: geweldig interessant! Over het ontstaan van de aarde, tektonische platen en klimaatzones. Dat sloot helemaal aan op al mijn interesses. In combinatie met biologie, zo dacht ik, stond mij vast ooit een interessante loopbaan in milieukunde te wachten. Dat kreeg toen net aandacht. Bovendien leek me niets heerlijker dan de hele dag buiten lopen struinen met m’n neus op planten en insecten, me afvragend waarom hier veen lag en daar klei. Helaas. In de eerste klas van de HAVO kreeg ik een inleiding in sociale geografie. Waarom mensen waarheen verhuizen. Waarom ze allemaal op een kluitje zitten aan de voet van een vulkaan. Waarom ze in sloppenwijken bovenop flatgebouwen wonen in China. En dat interesseerde me hoegenaamd geen bal. Ik had mijn plan al in duigen zien vallen en haalde aardrijkskunde met m’n hakken over de sloot. Omdat het moest.
De kunstacademie was wellicht nog een optie. Mijn ouders hadden niks met “dat creatieve” en stimuleerden dat ook niet echt. Waarschijnlijk omdat ze het niet begrepen, of zelf die mogelijkheid niet hadden gehad. Maar op de parterre in mijn ouderlijk huis woonde een schilderes. Elke zondagmorgen, als mijn ouders nog lagen te slapen, mocht ik naar beneden: “Buurvrouw, bent u wakker?”. Onze benedenbuurvrouw, die al vroeg wakker was, verwelkomde mij als een tante. Ze zette me in als tuinhulp, leerde me een beetje pianospelen, las rijmpjes en versjes met me en speelde geïmproviseerde pingpong met me met twee oude tennisrackets en een prop papier. En ze leerde me kijken. Echt kijken, met een kunstzinnig oog. Tekenen en schilderen deed ik al graag (kennelijk had ik enig talent van mijn grootmoeder geërfd), zij moedigde me alleen aan. Bracht me gevoel voor perspectief bij, licht en kleurgebruik. En opperde de kunstacademie. Maar ik werd benauwd bij het idee kritiek te ontvangen op mijn werk – dat immers uit mijn ziel kwam – en mijn ouders zagen er geen brood in.
Dan word je maar secretaresse,” gaf mijn moeder de doorslag, “dan heb je tenminste wàt.“. Aldus geschiedde.

Cover De meisjes van Schoevers_0Ook op Schoevers moest ik het hebben van klassikaal onderwijs, maar dat viel flink tegen voor zo’n relatief dure opleiding. Lessen vielen uit of werden gegeven door gesjeesde economiestudenten en rokkenjagers. Onze lerares Frans ging midden in het schooljaar met zwangerschapsverlof en vervanging kwam er niet. Van nature al geen rekenwonder, had ik moeite met administratie en economie. Maar ik was ook te slordig met stenografie en werd weinig enthousiast van secretariaatspraktijk. De negen maanden durende opleiding bleek een flinke bevalling. Toen ik uiteindelijk het secretaressediploma had bemachtigd wilde ik meteen aan de slag. “Nóóit meer school“, dacht ik. “Gewoon, lekker werken.

All work and no play

Dat “gewoon, lekker werken” nogal tegenviel in de praktijk laat zich raden. Veel dingen worden een stuk minder leuk als ze móeten. Omdat ik nergens écht enthousiast van kon worden en me nergens écht thuisvoelde vlinderde ik van baan naar baan – dat kon toen nog vrij makkelijk via uitzendbureaus. Ik had tussendoor wel “vaste” contracten, maar langer dan een jaar hield ik het meestal niet uit. Na 22 vond ik het welletjes met het secretaressevak – ik had het nòg lang uitgehouden, bedenkend dat ik helemaal niet dienstbaar ben – en ambieerde een carrièreswitch. Via allerlei werkverwikkelingen en gezondheidsperikelen maakte ik – eerder bij toeval dan gepland – een switch richting informatiemanagement (destijds beter bekend als “het archiefwezen”): een vak dat sterk in ontwikkeling was en mij op het lijf geschreven leek. Lezen voor je werk. Kon het mooier? Ironisch genoeg kon ik niet blijven bij de werkgever die me deze kans geboden had: ik werd weg gereorganiseerd. Maar ik zou niet stil blijven zitten. Inmiddels had ik ook al een eigen bedrijf, dat zich gemakkelijk liet “hervormen” naar mijn nieuwe vaardigheden. Via detacheringsbureaus, maar ook met mijn eigen zaak werkte ik aan project na project. Veranderde iets in mijn omstandigheden, dan ging ik gewoon weer “even” in loondienst werken. Eigenlijk ben ik sinds 1 november 1985 – mijn allereerste werkdag – voortdurend aan het werk geweest. Of ziek. Omdat ik ongelukkig was (maar dat is voer voor een ander blog). Ik wilde wel studeren, maar als ik al wist wàt, vond ik daar de tijd en de rust niet voor. Er was trouwens ook nooit geld om te studeren. Verder dan korte, specifieke vakcursussen bij werkgevers kwam ik niet.

Uithuilen en opnieuw beginnen

IMG_20141025_170516Na een rampjaar en nog wat lotgevallen kregen Echtgenoot en ik de kans om opnieuw te beginnen. We mochten ons veel te dure vrije sector appartement in een Haagse krachtwijk verruilen voor een 50’er jaren éénsgezinswoning achter de dijk in het kustdorp Ter Heijde. Dat was het startsein voor veel veranderingen. Het roer moest al zo lang om. Ik was ook al een tijdje overspannen thuis, dus hoe veel bewijs had ik nog nodig? Dit was de perfecte gelegenheid om het allemaal anders te gaan doen.
Eenmaal een beetje “geland” in het dorp en het Westland, ging ik met mezelf aan de slag. Wat kon ik nu eigenlijk het best en wat wilde ik het liefst? Redigeren. Schrijven. Misschien was nu dan eindelijk de tijd rijp voor een studie en dan natuurlijk wel in de richting van mijn keuze. Niet weer een keuze maken uit praktische overwegingen, voor carrièremogelijkheden of geld. Na een kleine zoektocht op mijn favoriete medium, het internet, kwam ik bij de Schrijversacademie uit. Ik werd alleen al enthousiast van de website. Ik vroeg de studieinformatie aan, die me nog verder motiveerde. Dít wilde ik doen! Ik meldde me spontaan aan, me bedenkend dat de meeste opleidingen in september begonnen, dus ik had nog alle tijd om me voor te bereiden.

Kerstpakket

IMG_20150521_152325Kort na mijn aanmelding ontving ik de eerste mailtjes. Wat had ik er zin in! Opgetogen nam ik het studiepakket van mijn nieuwe opleiding in ontvangst. Het leek wel Kerstmis! Al die boeken die straks – na de termijnbetalingen – allemaal écht van mij zouden zijn en wel heel erg stoer zouden staan in mijn boekenkast. Basismodules, een studiegids, een literatuurlijst, een digitale leeromgeving. Wat een rijkdom. “Ik ben student,” dacht ik, “zó gaaf!” De Schrijversacademie biedt een combinatie van klassiek onderwijs, afstandsonderwijs en e-learning. Ideaal voor mij! Kan ik fijn zelf bepalen wanneer ik studeer én ik mag naar inspirerende bijeenkomsten waarbij ik medestudenten ontmoet. Leuk! En zo helemaal van deze tijd. De eerste – verplichte – studiebijeenkomst stond gepland op… zaterdag 23 mei! Dàt was even schrikken, aangezien ik had verwacht pas in september te beginnen. In mijn enthousiasme was me helemaal ontgaan dat ik bij mijn aanmelding had moeten aangeven wanneer ik wilde beginnen. Maar spijt had ik geen moment.

Aan de slag

IMG_20150711_171220_hdrDe eerste studiebijeenkomst in de Haagse bibliotheek werkte nog inspirerender dan ik had verwacht. Ik vond de inzichten, de visie en het enthousiasme van de docente aanstekelijk – en ze putte voor haar voorbeelden ook nog eens met regelmaat uit het werk van Engelse en Amerikaanse auteurs. Toen ze ook nog eens “On Writing” van Stephen King promootte, was ik meteen verkocht. Ik had mijn man dit boek van zijn favoriete auteur immers niet zo lang geleden cadeau gedaan om zijn schrijfambities te voeren. De groep medestudenten mocht ik meteen graag. Stuk voor stuk gemotiveerd en gedreven, maar tegelijk open, vriendelijk en allen – natuurlijk – uniek. Geënthousiasmeerd keerde ik huiswaarts. Het was al laat, dus van studeren kwam niet echt veel meer die dag. Als een echte student bekeek ik de notities die ik tijdens de studiemiddag op mijn BlackBerry had gemaakt. De volgende dag ging ik er echt voor zitten. Ik keek wat rond in die digitale leeromgeving, die vrij snel weinig geheimen voor me had, gewend als ik was aan zo veel verschillende systemen. Dat was immers zo lang onderdeel van mijn werk geweest. Ik pakte het studiepakket met de grootste zorg uit. Waar ging ik al die fijne boeken en documenten laten? Sinds we waren verhuisd, nu bijna een half jaar geleden, was er nog niet bijster veel aan het huis gedaan. We moesten eerst bijkomen van alle geleden ontberingen. Ik had mijn eigen kamer provisorisch ingericht met een tweetal boekenkastjes, mijn secretaire en een als computertafel dienende sidetable. In principe was alles aanwezig, maar er stond ook nog veel in dozen. Voor de studieboeken moest een aparte plank worden ingericht. Dat was niet meer dan logisch. Daarvoor moesten andere dingen wijken. Maar waar liet ik die in de tussentijd? Uren was ik bezig met verplaatsen en verschuiven van spullen. Ik had nog geen letter bestudeerd.

De zondag kwam en ging – als altijd véél te snel. Er moest ook ontspannen worden. Van het weer genoten. Huishoudelijkheden gedaan. Gewikt. Gewogen. Geluisterd. Gepraat. Gegeten. Gedronken. Er moest – zoals altijd – veel te veel. Gelukkig was het Pinksteren. Niet dat ik ook maar iets met die religieuze feestdagen had, maar het kwam nu wel lekker uit. Een heerlijk excuus om niets te hoeven. Dat was Tweede Pinksterdag – de maandag – eigenlijk ook wel. Al had ik me nóg zo voorgenomen dat ik daar niet aan zou doen. Je bent immers ondernemer of je bent het niet: dan laat je je gewoon niet afleiden door al die zinloze vrije dagen. Een échte ondernemer is tenslotte nooit vrij. En ik woonde nu in het Westland, waar het motto is: “niet lullen maar poetsen”. Maar ik was toch wel erg futloos. Mijn vaste maandagsritueel, met schoonmoeder naar het zwembad, ging ook al niet door. Waarom zou ik het er – net als de rest van Nederland – niet gewoon van nemen?

Nooit te oud om te leren

Indachtig het gezegde had ik me nooit gerealiseerd dat sommige dingen wel degelijk veranderen als je ouder wordt. Al wilde ik er niet bij stilstaan werden sommige dingen me langzaam – pijnlijk – duidelijk: het concentratievermogen neemt af, het geheugen wordt minder. Je bent minder flexibel en hebt meer behoefte aan structuur en rust.
Prima, met dat gegeven ging ik aan de slag. Ik moest “gewoon” een plan maken. Structuur aanbrengen. Een telefoongesprek met mijn studiecoach (ik heb een studiecoach!) stelde me gerust. Hij drukte me juist op het hart dat je bij een opleiding als deze, in een creatief vak, vanzelf minder gestructureerd werkt. Inspiratie laat zich immers niet afdwingen, maar komt soms op de vreemdste momenten (midden in de nacht, bijvoorbeeld). Daar moest ik gewoon in meegaan en hoefde er eigenlijk alleen voor te zorgen dat ik de deadlines haalde. En die stonden toch al vast. Een kwestie van de deadlines in mijn agenda zetten dus. Ik had ineens wel erg behoefte aan mijn whiteboard waar ik altijd met magneten herinneringen en geheugensteuntjes ophing en met whiteboardmarkers aantekeningen maakte. Het stond nu werkloos in een hoek van mijn kamer te wachten tot Echtgenoot het kwam ophangen. Dat duurde natuurlijk veel te lang. Dus zette ik het op mijn sidetable achter de laptop en de printer tegen de muur. Zo. Klaar voor gebruik. De magneten, wisser en whiteboard markers wist ik vrij snel te vinden en al gauw was het whiteboard behangen met opdrachten, roosters en data. Vooral niet te veel onzindingen, zoals vroeger, die alleen maar voor afleiding zorgden. Ik was nu tenslotte een Serieuze Student.

Nu écht aan de slag

IMG_20150513_101458Het is woensdag op het moment dat ik dit schrijf. Na mijn seniorengymklas in de ochtend heb ik geluncht, gedoucht en heb ik me aangekleed. Ik heb wat gewerkt op mijn mobiele kantoor: mijn trouwe BlackBerry. Nieuws gelezen, social media onderhouden, berichten ingepland. Manlief ging een paar uurtjes de deur uit. Perfect! Dan kan ik lekker ongestoord aan de studie gaan. Maar eerst nog even ontspannen. Ik heb toch wel flink spierpijn en ik zit nu wel even lekker. Ah, “Gilmore Girls” op FoxLife. Oud, maar nog steeds vermakelijk. Goed, programma afgelopen. Uit die TV! Naar boven, aan de studie! De boeken en modules liggen er klaar voor om door te nemen. Mijn tegenwoordig als desktop fungerende laptop staat klaar. Even kijken waar ik zal beginnen. In de digitale leeromgeving, die ik natuurlijk eerst helemaal naar eigen voorkeur moet inrichten – wat al gauw een half uur in beslag neemt – vind ik de modulewijzer. Fijn, duidelijkheid. Structuur! Basismodule erbij gepakt en gelezen. Gretig neem ik de lesstof tot me. Denk erover na. Kijk rond in mijn kamer. Het is eigenlijk best nog een zootje. Als ik de kamer nou wat efficiënter zou inrichten, had ik meer rust. Meer focus. Goed, maar dat ga ik nu niet doen. Ik ben nu aan het studeren. Met één oog het raam uit. De zon schijnt. Moest ik eigenlijk niet nog een uurtje zon pakken? Voor morgen werd immers regen voorspeld. Nee – studeren nu. Doorzetten. Eigenlijk heb ik het nogal koud. Nu kan ik twee dingen doen: even wat anders aantrekken óf… toch even dat uurtje lekker opwarmen in de zon? Ik zoek wel even iets te lezen uit. Studeren in de zon, hoe luxe is dat? Mag ik er alsjeblieft van genieten dat ik eindelijk weer een zonnige tuin heb? Ik pak het boek van de verplichte literatuurlijst en wil de juiste hoofdstukken markeren met een Post-it tab. Maar waar zijn die dingen eigenlijk gebleven? Even graven in de dozen met de “kantoor” aanduiding. Gelukkig worden de tabs al in de eerste doos gevonden. Zorgvuldig markeer ik de verplichte hoofdstukken. Goed, ik ben er klaar voor. Ik loop naar beneden, neem uit de keuken iets te drinken voor mezelf mee en installeer mezelf in het laatste zonnetje, poes aan mijn voeten. Terwijl ik mijn kippenvel negeer lukt het me nèt om één – briljant – hoofdstuk uit te lezen.

Dan kijkt poes op. Echtgenoot komt thuis. Loopt de tuin in: “Ha lieffie, heb je lekker gestudeerd?

Leren studeren blijkt nog een hele kunst.

10 gedachtes over “Studeren moet je leren

  1. Hoe ontzettend leuk beschreven. Duidelijk het conflict met vroeger met het leren versus creativiteit. Nu heb je de vrijheid om te mogen doen wat je hart je ingeeft, blijkt je concentratie nog een loopje met je te nemen. Het heeft wat hilarisch. En dat goudvis zich langer dan de mens kan concentreren, vind ik werkelijk te grappig!!

  2. Erg leuk en eerlijk. Je komt er wel Andrea met die hersenen van je.
    Ik weer niet welke psycholoog tot de conclusie is gekomen over ‘slechts 8 minuten onverdeelde aandacht’, waarbij wij er op de ‘evolutionaire trap’ slechter afkomen als de goudvis, maar ik denk:

    1) het is een man
    2) hij denkt waarschijnlijk om de 8 minuten aan sex (typisch mannelijk)
    3) het is iemand met een groot aquarium
    4) waarschijnlijk een voetbalfreak – die over het algemeen door gebrek aan wilskracht en interesse niet meer dan het niveau van Harry Vermegen boeken in zijn kast heeft staan
    5) het hele gebied van de psychologie en de filosofie nooit heeft begrepen
    6) vanwegen zijn Calvinistische achtergrond nog steeds niet gelooft dat in mens in staat is tot verandering
    7) ook The Artist’s Way nooit heeft gelezen en indien wel het niet heeft begrepen……

    Maar jij bent een ander verhaal: ik weet dát als je je hart erop zet en met al je kracht je inspant er zich een ‘dijk’ van een literair wonder uit de schaduw van je verleden voorkomt. Ga ervoor Andrea!

    1. Dank je wel René, wat een mooie complimenten! Die motiveren echt om volgende keer wat sneller op die publicatieknop te klikken!
      Grappig die analyse! Ik denk dat je de spijker(s) op z’n kop(pen) slaat! Vond ’t ook maar een raar artikel😉

      1. Hallo Andrea, dank je wel voor dit mooie en zeer herkenbare artikel. Ik herken er vooral een aantal leerlingen in die ik nu bijles geef. Scheikunde en wiskunde geef ik. Twee vakken waarbij sommige docenten inderdaad geen les meer geven maar de leerlingen aan het werk zetten met theorie- en opgavenboek en de docent als vraagbaak. Maar de herrie in de klas en de competitie om aandacht van de docent zorgen dat de snel afgeleide (vaak slimme en creatieve!!) leerling niet aan het werk kan komen. Dus na veel onvoldoendes komen ze bij mij op bijles en met goede uitleg en vooral met aandacht voor hun vragen en begrip voor hun creatieve denkkronkels fleuren ze op en gaan meestal prima cijfers scoren!
        Voor mezelf herken ik jouw concentratieprobleem ook heel erg!! Thuiswerken is soms lastig. Harstikke goed dat je aan nieuwe studie begonnen ben, veel plezier ermee.

  3. Dank je wel Marga, fijn om te horen dat ik daar dus niet alleen in sta. Je mag niet terugkijken, maar ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat mijn leven er met de juiste begeleiding heel anders uit had gezien! Gelukkig hebben jouw leerlingen jou nog – dus daar komt het vast helemaal goed mee – en ik kan schrijven… en da’s ook fijn!

  4. Andrea, ontzettend herkenbaar wat ik hier lees. Het klasmiepje, de ‘motiverende’ vader, het overal werken maar nergens thuiskomen, het eigen bedrijfje, de drang naar een diploma. Zeer leuk beschreven! Ook al die afleiding, daar laat ik me ook vaak door doen. Oeh, en de Schrijversopleiding, dat lijkt me super interessant! We zjin nu enkele maanden verder, hoe gaat het daarmee? Zijn de bijeenkomsten altijd in Den Haag, of kan dat ook ergens anders?

    Ohja, ook heel erg leuk dat je mijn blog volgt! Dank je wel!

    Liefs, Lyssa

    1. Dank je wel Lyssa, voor je mooie compliment en het volgen van mijn blog! De opleidingen van de Schrijversacademie kun je op verschillende locaties door heel Nederland volgen – ik koos voor Den Haag. Kijk eens op hun site: http://www.schrijversacademie.nl! Zo veel mensen, zo veel opleidingen😉 Je kunt alle kanten op. Ik ben er erg enthousiast over, voor mijn gevoel al zó veel geleerd (behalve het studeren zelf :-))!
      XXX
      Andrea

Deel je mening!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s